Alles moest kunnen

Ik had de boekjes niet nodig. Ik sloot mijn ogen en ze verscheen onmiddellijk op mijn netvlies. Even later kwam ik heftig klaar en spoot mijn zaad in het steriele potje.

Het was puur toeval dat ik haar tegen kwam. Na een werkafspraak die last minute niet doorging slenterde ik doelloos door de vreemde stad op weg naar het station toen ik haar opeens zag lopen. Suzanne! Mijn verloren liefde van vijftien jaar geleden. Ik toen 26 jaar oud, een ervaring rijker en een illusie armer en zij 21 jaar oud en op ontdekkingstocht in het rijk der zinnen. Stormachtig begon onze relatie om na vijf maanden weer even stormachtig te eindigen. Ik had na een jaar eindelijk de ballast van een stukgelopen relatie definitief van me af geworpen en was roekeloos op zoek naar een nieuwe vrouw in mijn leven. Met dat gemoed ontmoette ik haar op een feest, zij die net ontwaakt was en die met alle macht de grenzen van haar bekrompen jeugd van zich af wilde schudden. Ze was uitdagend, nieuwsgierig, provocerend, experimenterend, openhartig en zinnelijk. Ze had een goddelijk lichaam en ik was door haar uitverkoren om daar de slaaf van te worden en ik liet me in volle overtuiging ketenen. Alles viel op zijn plaats toen we verdronken in elkaars verlangen.Voor de open haard, in de sauna, op tafel, hele weekenden in bed, in de trein of het openbare toilet, er was geen plek, er was geen positie die wij niet verkenden in onze zucht naar genot en de behoefte grenzen te verleggen. Soms sloegen we elkaar uit louter lust, dan weer streelden we elkaar teder en altijd voerden we een machtsstrijd. Het klopt, ik was haar slaaf, maar evenzeer was zij mijn slavin. Dan was zij de winnaar, dan weer ik, we dansten, we huilden, we lachten, het vormde altijd een voorspel dat leidde naar een ritmische en zinnelijke verstrengeling van lust en liefde. Het leek eindeloos het leek grenzeloos.En zo lagen we nagenietend van alweer een climax, lieve woordjes met elkaar te fluisteren op zoek naar weer nieuwe grenzen die overschreden moesten worden. Elkaar teder strelend spraken we liefkozend af: ‘Alles moest kunnen. Niets zal onze liefde voor elkaar in de weg staan’

Het werd een enkele reis afgrond. Ik liep kort daarna – ‘moest kunnen’- onmiddellijk mijn pik achterna en bracht de nacht door met de telefoniste van mijn werk. Ter compensatie, maar zeg maar gerust uit wraak neukte ze drie vrienden uit mijn voetbalteam, waarna dat vriendenteam van jaren vervolgens in ruzie uit elkaar viel. Wat voor mij weer een reden was om niets verhullend en opzichtig het bed te delen met haar zuster waarbij ik me graag door haar liet betrappen. ‘Alles moest kunnen’ werd de overtreffende trap van elkaar kwetsen, waarbij lust en passie plaats maakten voor een verstikkende jaloezie. Het eindigde met een klap van de deur die ze woedend achter zich dicht gooide om voor altijd uit mijn leven te verdwijnen.

Ik lag vervolgens twee weken jankend in bed, kon de haren wel it mijn hoofd trekken en kon weer van voren af aan beginnen. Wie zegt dat de tijd alle wonden heelt liegt dat hij barst. Ik weet het zeker, want altijd bleef die droom van haar bestaan.Ik zag haar altijd weer zitten naast me op de bank. Zoals altijd uitdagend gekleed, die heerlijke geur, haar heerlijk zachte en gladde benen en het zijden niemendalletje dat haar liefdesgrot verhulde. Ik was in mijn gedachten totaal verslaafd geraakt aan dat heerlijke moment waarop zij mij groen licht gaf om ons voorspel een vervolg te geven. Zij, mij intens aankijkend, haar billen iets optillend en ik die dan vervolgens welhaast strelend het slipje langs haar benen naar beneden liet glijden waarna we enkel nog gestuurd werden door onze zinnen. Ik die dan gulzig met mijn tong verdronk in haar heerlijke lusthof, en zij die even later als genoegdoening zachtjes en geraffineerd met haar lippen mijn roede omsloot. Ik had haar leren pijpen, nee ik zeg het verkeerd, ik werd gedwongen haar te leren pijpen! Onbevangen en nieuwsgierig zoals geen enkele vrouw voor haar ooit had gedaan, had ze mij bevraagd, zeg maar gerust verhoord, over de manier waarop het voor mij het lekkerste was. En als ik dan na deze lessen in volledige overgave als lustobject naar haar lag te kijken terwijl ze me gepassioneerd aankeek als haar tong sensueel mijn roede streelde keek ik regelrecht naar het evenbeeld van de hemel. Na haar resolute vertrek snoof ik intens de geur op van haar zijden slipje op dat ik had weten te redden van onze ondergang. Ik trok me af, en ik trok me nog een keer af en weer trok ik me af! Ik droomde nat, ik droomde alle lakens nat en ik neukte de halve wereld rond met vele vrouwen om haar te vergeten. Maar altijd was ze daar. Ik probeerde haar tevergeefs te verstoppen, want ik moest nu toch eindelijk eens verder met mijn leven, maar daar nam ze nooit genoegen mee. Dan keek ze me weer lachend aan, tilde uitnodigend haar billen op en maakte mij tot drenkeling in onze eindeloze zee van lust.

‘Suzanne!’

Ze keek verschrikt rond. Verrast keek ze me aan toen ze me herkende. Ze lachte. Eerst onwennig, maar allengs ontspannen en vertrouwd. Ik stapte op haar af en zei: ‘Suzanne!, jij hier? wat leuk om je te zien!’

Ik pakte haar hand vast en kuste haar op beide wangen en herkende meteen weer haar heerlijke geur. ‘Hoe is het met je? Ik dacht dat ik je nooit meer zou zien. Ze was rijper, maar de vijftien jaar levenservaring had haar alleen maar mooier gemaakt al zag ze er vermoeid uit.

‘Ja goed’ antwoordde ze een beetje behoedzaam op mijn enthousiasme. ‘En jij?’ ‘

Ja, ook goed, maar helemaal nu ik jou hier tegenkom!’

Ze glimlachte om het compliment, en ze lachte die heerlijke lach van haar!

‘Hoe lang is het geleden? Heb je zin om wat te drinken?’

Duizend vragen streden om voorrang. Ze keek op haar horloge en keek me aan. Haar nieuwsgierigheid naar mij had gewonnen.

‘Dat is goed. Leuk.’

Even later zaten we in een grand café tegenover elkaar met voor ons een kop geurende cappuccino. Ze was kort na haar vertrek op wereldreis gegaan. Ze had drie jaar in Kenia gewerkt en was daarna getrouwd met een diplomaat. Ze woonde nu al weer drie jaar in Nederland en vulde haar dagen tegenwoordig vooral met aquarelleren. Ik vertelde mijn geschiedenis en ze luisterde aandachtig en stelde vragen over ons gemeenschappelijke verleden waar ze na haar vertrek het zicht op verloren was.

‘Je bent nog weinig veranderd’ zei ik ‘en dat mag je beschouwen als een compliment.’

Ze keek me aan en glimlachte. ‘Dank je, jij ook’ antwoordde ze.

‘Ik vind wel dat je er moe uit ziet, ben je ziek geweest?’

Ze knikte nee en keek alsof ze betrapt was. Even keek ze zwijgend naar haar kopje. Het leek of ze de consequentie overwoog van het mij deelgenoot maken van haar gevoelens.

‘Kennelijk kan ik het slecht verbergen.’

‘Wat bedoel je?’

‘Ik zit in een stevige dip. Ik wil dolgraag kinderen krijgen maar het lukt niet.’

Automatisch greep mijn hand de hare vast en kneep er zacht en bemoedigend in. Alsof we nooit uit elkaar waren geweest liet ze het toe.

‘Wat vervelend voor je’

‘Ik heb vandaag van mijn man de uitslagen gehoord van het medische onderzoek naar zijn sperma. Het lag dus niet aan mij, mijn man heeft zwak zaad, de kans op kinderen is volgens de dokter vrijwel nul.’

‘Hoe neemt hij het op?’ Ik wist dat dit voor veel mannen een gevoelig onderwerp was omdat het vaak een gevoel van falen opriep.

‘Hij haalt zijn schouders erover op. Ik moest me er maar bij neer leggen dat ik kinderloos blijf.’

‘Heb je wel eens nagedacht over kunstmatige inseminatie?’ Ik keek haar aan.

‘Jawel, maar daar wil hij niets van weten, hij vindt kinderen niet zo belangrijk, hij noemt het de slechtste investering die er is. We ruziën er al jaren over. Het komt zoals het komt en bij ons komt het dus niet zo beweert hij.’

‘Oké, misschien ziet hij er gewoon tegenop, maar je mag de natuur soms toch een handje helpen, adoptie is toch ook een mogelijkheid?’ Ik probeerde haar te bemoedigen.

‘Hij ziet me al aankomen, dat is volkomen onbespreekbaar’

Ik realiseerde me ineens de vertrouwdheid waarmee we met elkaar van gedachten wisselden. Niet als de aan elkaar verslaafde minnaars van weleer, maar nu na geen half uur sinds onze toevallige ontmoeting als intieme vrienden. Heel ver weg was de wanhoop en de drift van het moment dat onze wegen zich scheidden. Het had plaats gemaakt voor een nieuw gevoel van verbondenheid. Ze keek op haar horloge.

‘Ik moet gaan’ zei ze.

We wisselden adresgegevens uit. Ik hielp haar in haar jas en we liepen naar buiten. Ik pakte weer haar hand vast en kuste haar en ik zei. ‘Lieve Suzanne, ik moet je bekennen dat ik je nooit ben vergeten, je was de liefde van mijn leven. Ik hoop dat we na deze toevallige ontmoeting in ieder geval weer vrienden kunnen worden.’

Ze keek me blozend aan en antwoordde: ‘wat lief van je dat je dat vertelt, je hebt ook altijd nog op een plekje in mijn hart. Natuurlijk wil ik vrienden met je zijn.’

Ze kuste me teder op mijn wangen en draaide zich om. Ze keek nog even om en zwaaide. Mijn hart bonkte van vreugde terwijl ik terugzwaaide.

De weken erna hadden we een paar keer per week e-mail contact en kleurden onze geschiedenis verder in met de verhalen van ons leven, onze gevoelens en de ideeën zoals goede vrienden dat doen. We blikten met relativering terug op onze stormachtige relatie die ook voor haar meer dan enkel een dierbare herinnering aan een vervlogen tijd was geweest. We trokken de conclusie, dat wat gebeurt was, onontkoombaar was geweest. We waren samen de afgrond ingereden. Met vallen en opstaan had ze na onze relatie haar grenzen ontdekt en bepaald. De wereldreis die ze na onze relatie had gemaakt was een innerlijke zoektocht voor haar geweest over wat ze met haar leven wilde. Na de extreme uitspatting met mij, was ze uiteindelijk op zoek gegaan naar rust en geborgenheid. Die had ze uiteindelijk gevonden in de relatie die ze nu had.

Bang als ik was om haar weer te verliezen durfde ik niet te vertellen dat zij nu juist de reden was dat ik nog steeds ronddoolde en me niet kon binden aan iemand anders. Tijdens deze intense briefwisselingen bleef ik deelgenoot van haar worsteling om te accepteren dat ze geen kinderen kon krijgen. Het onderwerp bespreken met haar man bleef taboe.

En toen kwam daar opeens die mail die mij schokkend op scherp zette.

‘Ik heb nagedacht’ zei ze. ‘Ik wil een kind van jou. Wat vind je ervan? Liefs Suzanne’.

Haar resoluutheid met een vraag zonder plichtplegingen herkende ik meteen, maar tegelijk wist ik me geen raad.

‘Oef! dat is heftig.’ mailde ik terug. ‘Wil je dat werkelijk?’

Zonder een antwoord te geven op haar vraag. We belden urenlang. Ze kon en wilde het niet met haar man bespreken waarbij ik een zekere angst voor hem bespeurde. Maar ik wilde het lijntje tussen haar en mij niet laten breken door daar over te beginnen, dus ik zweeg. Uiteindelijk trok ze me over de streep.

‘Oké’ zei ik, ‘als jij daardoor gelukkig wordt wil ik je graag helpen. Hoe zie je het voor je?’

Ik had het kunnen weten, ze had het helemaal uitgezocht.

‘We gaan niet met elkaar naar bed’ zei ze. ‘Dat vind ik te gevaarlijk, ik wil me niet weer verliezen zoals toen, ik wil grip houden. Ik heb een spermabank uitgezocht die het voor ons kan regelen. Verder zeg ik je met pijn in het hart dat ik daarna ons contact verbreek. Dat leidt alleen maar tot spanningen en dat is niet goed voor mijn kind.’

Ik was stil aan de andere kant. Ik werd heen en weer geslingerd door mijn gevoelens. Kennelijk had onze intense relatie van vroeger ook voor haar niets aan betekenis ingeboet en wilde ze niet het risico lopen om zich in een nieuw avontuur met mij te verliezen. Haar keuze voor een kind – mijn kind! – betekende echter wel dat ik nu weer snel uit haar leven zou verdwijnen. Het was een welhaast onmogelijk dilemma, maar ik wilde, ik eiste van mezelf, dat ze gelukkig werd.

‘Wat vind je ervan?’

‘Ik zal je keuze respecteren’ antwoordde ik, ‘ik vind het heel moeilijk, maar ik doe het als je een ding belooft.’

‘En dat is?’

‘Dat als ons kind ooit te weten komt van mijn bestaan, dat je het niets in de weg legt om mij te leren kennen.’

Nu was zij het die zweeg, beseffend wat deze stap voor mij betekende.

‘Oké’ klonk het even later aarzelend, ‘dat beloof ik.’

Ik hield een onbestemd gevoel over aan ons gesprek. Ik zag een nieuwe grote leegte opdoemen. Ik had mijn liefde voor Suzanne geprobeerd te parkeren, maar ik realiseerde me nu eens te meer dat ze een niet te missen onderdeel van mijn leven was geworden. Maar dit was wat ze echt wilde en ik vond dat ik niets anders kon dan dat respecteren. Het zou een onmogelijke gecompliceerde liefde worden rationaliseerde ik mijn gevoelens weg.

We spraken af bij de kliniek. Ik ging naar het rukkamertje en kort daarachteraan werd in het kamertje ernaast mijn zaad bij haar ingebracht. Het was de meest snelle methode. We hadden voor daarna afgesproken in een nabij gelegen restaurant. Wij die vele malen versmolten waren geweest hadden zojuist door een paar technische handelingen een kind verwekt. Het leek wel of we allebei de hoofdrol speelden in een surrealistisch toneelstuk. We aten zwijgend en zagen beiden op tegen het onontkoombare moment waarop we uit elkaar zouden gaan. Buiten op het parkeerterrein omhelsde ik haar, kuste haar op haar lippen terwijl ik intens in haar ogen keek.

‘Zul je goed voor jezelf zorgen’ zei ik. ‘Word vooral gelukkig!’

Ik slikte en ik zag een traan langs haar wang lopen en kon de mijne nauwelijks bedwingen.

‘Dank je’ zei ze. ‘Ik zal je nooit vergeten.’

Ze pakte me nog een keer vast en draaide toen resoluut om en liep zonder om te kijken naar haar auto toe en was even later uit mijn leven verdwenen.

Om complicaties te voorkomen hadden we afgesproken dat ik niet zou horen of de bevruchting geslaagd was. Maar wat maakte het uit! Geen zak! Ik was weken van slag. Ze was nu voor altijd een onbereikbare liefde geworden. Ik ging op vakantie naar Nepal en probeerde haar daar uit mijn hoofd te zetten. Ik staarde naar het dak van de wereld en ik huilde en ik huilde. Ik zocht die nacht geforceerd troost bij de reisleidster, maar het hielp niets.

Tien weken later na ‘onze daad´ ging de telefoon. Het was Suzanne die met gebroken stem haastig vroeg of ze langs mocht komen.

‘Ja, natuurlijk, maar wat is er met je aan de hand.’

‘Ik vertel het je straks wel’ zei ze en brak het gesprek af.

Er stopte een taxi. Ze stapte uit met een uitpuilende weekendtas en ze droeg een zonnebril. Even later kwam ze binnen en stond huilend in de gang.

‘Wat is er aan de hand?’

‘Ik ben weggegaan.’

Ik deed de zonnebril van haar ogen en zag dat haar linkeroog gezwollen was.

‘Laten we daar eerst maar eens iets aan doen’ probeerde ik haar op haar gemak te stellen, ‘kom mee.’

Maar even later zat ze huilend tegen me aan, ik had mijn arm om haar heengeslagen. In de ene hand had ze een verfomfaaide zakdoek en met de andere hand drukte ze een nat washandje op haar oog. Ze had vanmorgen haar man hoopvol verteld van het wonder van hun zwangerschap. Dat het het uiteindelijk toch gelukt was. Maar het moment van haar triomf werd een schokkende anticlimax. Ze was door haar man voor hoer uitgemaakt en vervolgens in drift tegen haar hoofd gestompt. Even later bleek dat hij zich zonder daar met haar over te praten had laten steriliseren omdat hij beslist geen kinderen wilde. Wie nu wie had bedrogen deed niet meer ter zake, het was duidelijk dat deze vertrouwensbreuk niet meer te helen viel.

‘Mag ik voorlopig bij jou blijven?’ Ze keek me bang en onzeker aan.

Ik omhelde haar stevig. ‘Maak je geen zorgen, neem alle tijd om dit te verwerken, voorlopig woon je hier.’

Ik liet een weekendarts naar haar oog kijken, er was gelukkig niets beschadigd, en ik deed er verder alles aan om haar op haar gemak te stellen. Ik luisterde, ik kookte, ik troostte en ik werd deelgenoot van het ware verhaal van haar moeizame relatie. Hoe ze zich geforceerd had om een mislukt huwelijk te redden dat als een verstikkend keurslijf voelde. Ze vertelde over haar wanhopige keuze voor ‘mijn zaad’ en de worsteling die ze had gevoeld bij het idee dat ze dan vervolgens in het belang van haar kind en relatie weinig meer kon dan het contact met mij te verbreken. Ik streelde haar zachtjes en vertelde troostend dat ik blij was dat ze naar mij was toegekomen.

Ineens was ze ontzettend moe van alle emoties van die dag. Ik bracht haar naar de logeerkamer en kuste haar teder welterusten. Ik had haar graag bij me genomen, maar hier moest ze alleen uit zien te komen. Een uur later werd ik wakker en hoorde ik haar zachtjes huilen en probeerde sterk te blijven niet naar haar toe te gaan. Maar ze bleef maar huilen in eenzaamheid op dat kamertje naast me. Ratio en mijn gevoel streden om voorrang. Mijn gevoel won. Ik stapte naar binnen en ze keek me kwetsbaar aan.

‘Kom zei ik, dit is niet goed voor je, je komt nu bij me liggen en we gaan slapen. Je maakt me maar wakker als je wilt praten.’

Ze zweeg. Ik had haar nog nooit zo breekbaar gezien. Ik tilde haar op en droeg haar naar mijn bed. Woorden die ik niet eerder zou durven uitspreken rolden ineens uit mijn mond.

‘We gaan er samen iets van maken’ zei ik terwijl ik haar toedekte en zachtjes op het voorhoofd kuste. Ik fluisterde: ‘Lieve lieve Suzanne, het stopt nu met stormen, hier is het vaarwater rustig en vertrouwd.´

Ik streelde zachtjes haar buik en zei: ‘weet je, je wordt de moeder van mijn kind. Ik ben zo trots op je’.

Ze kroop tegen me aan en kuste me en zei ‘waarom ben je zo lief voor me dat heb ik niet verdiend.’

‘Sst’ zei ik terwijl ik zachtjes mijn vinger op haar lippen legde. ‘Ik wil dat je altijd bij me blijft.’

Voor het eerst sinds wij elkaar kenden waren het niet onze driften die het vervolg bepaalden. Ik kuste haar weer teder en bemoedigend en zei: ‘ga slapen liefste, kom tot rust, morgen begint er een nieuwe dag, een nieuw leven.’

Liefde kent soms vreemde omwegen.

© Flux

 

Post navigation

Gerelateerde verhalen

Geef een reactie