Een Iraanse affaire (5 hoofdstukken)

Onze projectgroep bestond uit specialisten in IT en financiële zaken, afkomstig uit diverse landen. In dit internationale gezelschap bevond zich een Iraanse vrouw. Ze was jong, goed geproportioneerd en ze bewoog zich sierlijk. Wij zagen haar zonder uitzondering gekleed in de traditionele dracht van haar land, wijd en lang. Een dunne sluier hing altijd over haar hoofd. Haar gezicht was door de sluier, vaag zichtbaar.

Wanneer het zonlicht op een bepaalde manier op haar sluier viel, kon ik ook haar ogen zien. Amandelvormig, met fijn getekende wenkbrauwen die als volmaakte boogjes de vorm en schoonheid van haar ogen leken te benadrukken. Haar gezicht was eigenlijk het enige dat we konden zien. En natuurlijk haar goed verzorgde handen. Ze droeg ringen, goud, bezet met kleine edelstenen.

In het begin moest ik erg wennen aan het beeld van iemand wiens gelaatstrekken alleen maar vaag te zien zijn, maar na enkele weken vond ik het niet langer storend. We spraken, behalve over het werk, niet veel, maar af en toe zei ze iets dat duidelijk maakte, dat ze gevoel voor humor had.

Zonder joviaal te worden kon ze met iedereen over weg. Ze sprak, behalve haar moedertaal, uitmuntend Engels en Frans en was vriendelijk tegen iedereen. Ze was intelligent en snel van begrip. Sommigen van mijn collega’s vonden haar hautain, maar dat kon ik in haar houding niet ontdekken.Gereserveerd, dat was ze wel. Toch vond ik haar aardig. Ik vond het prettig om met haar te werken en had de indruk dat het haar ook beviel.

Je begrijpt het al, dit gaat natuurlijk over haar en omdat ze, zeker in dit verhaal, een naam moet hebben besloot ik, om haar “Shireen” te noemen. Een naam die, naar ik hoop, voldoende Iraans klinkt om het geheel geloofwaardig te doen zijn. Overigens vind ik Shireen ook een móóie naam. Vooral, langzaam uitgesproken, heeft de naam iets meeslepends, net als haar werkelijke naam trouwens.

Maar ik dwaal af, want ik had me voorgenomen om Shireen’s uiterlijk te beschrijven en was bij haar ogen gebleven. Die ogen waren donkerbruin, èrg donker. Ze had zwart haar. Jet black, zeggen de Engelsen en in Nederland zeiden we vroeger gitzwart. Niemand, die vandaag nog weet, wat git is maar het is zwart, geloof me. Ze droeg altijd zwarte kleding, ook haar sluier was zwart en het viel me op dat ze iedere dag een andere droeg. Dat kon ik zien aan de verschillen in materiaal. Soms was haar sluier van fijn geweven wol en soms van een soort zijde met prachtige, ingeweven, geometrische figuurtjes.

Wanneer Shireen me aankeek, hield ze haar hoofd een beetje achterover. Ik vond het grappig want met mijn, een meter negenentachtig, stak ik ver boven haar uit. Ze leek me met haar neus in de lucht aan te kijken. Dat was vanwege het verschil in lengte. Het deed me altijd lachen ook al ging het gesprek over serieuze dingen.

“Lach nou niet” zei ze dan geërgerd en dan dwong ik mijn gezicht in een ernstige plooi of ging even zitten zodat we op gelijke hoogte met elkaar konden overleggen. Shireen sprak Engels met een licht accent. Het klonk grappig, speciaal wanneer ze boos was. Dat gebeurde wanneer ze ontdekte dat rapporten die ze nodig had niet gereed waren. Bij die gelegenheden doorspekte ze haar Engels met, voor ons, onbegrijpelijke, woorden uit haar moedertaal. Het kostte ons soms moeite om niet te lachen.

Ze was een zelfbewuste vrouw en wist haar vrouwelijkheid, ondanks de ingetogen manier van kleden, goed te nutte te maken. Op een prettige manier maakte ze gebruik van de hoffelijkheden die we jegens haar ten toon spreidden.

Alcohol gebruikte ze niet, met een man alleen op kantoor zijn vermeed ze. In de weken dat zij en ik aan hetzelfde project werkten, heb ik haar maar één keer, en dan nog enigszins aarzelend, een man de hand zien schudden. En dat was omdat de persoon in kwestie, directeur van een grote scheepswerf was. Een, in haar ogen, belangrijke figuur.

Had ik al verteld dat we geregeld naar de club gingen om een biertje te pakken en om een potje pool te spelen of te luisteren naar de jazz muziek? “De Cotton club” heette het café. Naar de gelijknamige en roemruchte club van Al Capone in de jaren twintig. De naam was de enige overeenkomst want de Cotton Club waar ik het over heb was in het oude deel van de stad, en gangsters heb ik er nooit ontmoet.

Die Cotton club, werd al spoedig na opening een ontmoetingsplaats voor Jazz liefhebbers en ex-pats. De muziek werd bijna altijd in het weekeinde gespeeld. Op weekdagen was het gewoon een gezellige kroeg met goed lokaal bier en naar keuze, afschuwelijk Engels bier en draaide men platen van beroemde muzikanten.

Shireen vroeg op een middag, waar we heen gingen toen we na werktijd afscheid namen met een: “Tot straks in de club.” We vertelden over de club en dat het gezellig en relaxed was.

“Ga mee, dan kun je het ook eens zien”, zeiden we maar ze ging niet mee. Tenminste, niet tot op de dag waarop een bijzonder geluk mij trof. Het was, als ik me goed herinner, een donderdag. De werkdag was ten einde, we ruimden op en toen mijn mensen vertrokken zei ik tegen hen: “Tot straks in de club”

“Nee, nee we gaan naar het voetballen kijken”, was het antwoord. Hoewel ik graag naar een goede wedstrijd mag kijken ben ik geen voetbal fanaat, en dus scheidden onze wegen zich op dat moment. “OK een andere keer dan”.

Dan zou ik wel thuis blijven en een beetje lezen of naar muziek luisteren. Iedereen vertrok, alleen Shireen bleef. Een beetje talmend stond ze op te ruimen. Ik merkte dat ze over een beslissing aarzelde.

Zelf was ik bezig mijn papieren in te pakken toen ze dicht bij me kwam staan. Het verbaasde me omdat iedereen was al vertrokken en we slechts met ons tweeën waren. Misschien begint ze een beetje te wennen aan onze gebruiken, filosofeerde ik zonder veel aandacht te schenken aan haar ongebruikelijke getreuzel.

Maar dat idee veranderde toen ze vlak naast me kwam staan en heel subtiel, een ogenblik haar kleine borst tegen mijn arm duwde. “Ik ga wel met je mee”, klonk haar hese stem. Ze stond zo dicht bij dat ik de warmte van haar lichaam kon voelen en haar parfum kon ruiken.

“Weet je het zeker?” Verrast keek ik opzij naar haar opgeheven gezichtje. Ze had haar sluier terug geslagen en knikte bevestigend. Voor het eerst kreeg ik onbelemmerd zicht op haar gezicht. “Maar ehh,“ begon ik, en sloot mijn mond toen ik besefte wat een betoverende schoonheid ze was. Ze legde een handje tegen mijn arm en keek me aan. Iets werd me langzaam duidelijk. “Hoe doen we dat?” vroeg ik. “Je mag me komen halen, weet je het adres?” “Ongeveer, maar ik weet niet precies het nummer”. Van de opwinding klopte mijn hart twee keer zo snel. Ze pakte een kladje en schreef het adres op. Ik wist wel dat ze in het gebouw dicht bij ons woonde. Het was een blok verder, tegen de heuvel op. “Heb je telefoon thuis?” Ze knikte en schreef het nummer op, las even wat ze had geschreven en gaf het toen aan mij. “Hoe laat?” We spraken af dat ik haar om zeven uur zou halen dan konden we samen naar de club rijden en daar iets eten. Daarna zouden we wel verder zien.

Shireen opende haar briefcase en pakte snel haar eigen papieren in. Ik wachtte tot ze gereed was en keek nog even rond om te zien of we geen dingen hadden laten liggen. Naast elkaar liepen we door de, naar oude sigarettenrook stinkende, gang. Het was een verwaarloosd gebouw, de materialen waren uit de jaren vijftig. Harde plastic vloerbedekking van een niet meer te herkennen kleur. De gestuukte muren waren gebarsten, en op veel plekken waren er stukken pleisterwerk verdwenen. De kleur van die muren staat me nog steeds voor ogen, een afgrijselijke naar groen zwemende verf was in die dagen kennelijk alleen voor handen want bijna alles in dat gebouw had die zelfde waterige snert kleur.

Ik had een hekel aan het gebouw, het deed me denken aan de alles overheersende armoede uit de jaren vijftig in Nederland. Hier was die periode kennelijk nog niet afgesloten. In de hal was het schemerig, alle lampen waren al uit en het enige licht kwam uit de richting van de trap aan het einde van de gang. Naast elkaar liepen we de brede betonnen trap af. Beneden in de lobby zagen we de bejaarde vrouw die de wacht hield en in de avonduren de vloeren zwabberde. We groetten haar en verlieten het gebouw. Op de parkeerplaats namen we afscheid en gingen, ieder in onze auto, richting thuis.

Tijdens die rit naar huis drong langzaam het besef door dat mij iets bijzonders was overkomen. Deze afstandelijke jonge vrouw had uit zichzelf toenadering gezocht. Waarom had ze mij gekozen binnen te stappen in het uitgaansleven? In gedachten trachtte ik me voor te stellen wat voor indruk het zou maken wanneer ik met een kleine gesluierde vrouw in de club zou komen.

Veel mensen in dat land waren nogal racistisch van aard en het was nog maar de vraag of mijn kleine gezellin zou worden toegelaten. Misschien had ik beter met de anderen naar het voetballen kunnen gaan kijken. Maar nu de afspraak eenmaal gemaakt was wilde ik dat niet meer afzeggen. Trouwens, hield ik mijzelf voor, het was nogal een stap voor haar, om een zo vreemde omgeving als een jazz club te bezoeken. Ook al was het in gezelschap van een oudere collega. En zo een voortvarende beslissing verdient respect.

“Komt tijd, komt raad” dacht ik tijdens de korte rit naar huis. Eenmaal thuis maakte ik een warm bad klaar en legde mijn scheerspullen op de wastafel. Shireen, wie had dat gedacht, peinsde ik. Dat ze tot twee keer toe mijn arm had aangeraakt, een keer zelfs door zacht, met een borst tegen mijn arm te duwen, dat moest toch iets betekenen? In mijn eigen omgeving kon je daaruit, in zekere zin, toch wel de bedoeling van een vrouw opmaken.

Om te ontspannen nam ik een zelfgemixte wodka-orange uit mijn koelkastje. Net voldoende om de remmen los te gooien, maar niet zo dat ik beschonken zou zijn. Ik dacht er aan dat je in de Cotton club behalve bier ook wijn kon bestellen. Weliswaar geen goede wijn, maar ze hadden wel wijn. Misschien kon ik haar zo ver krijgen dat ze ook een glas zou drinken want bier drinken dat zag ik haar niet doen.

Zo peinzend en genietend van het hete badwater, met in mijn maag een aangenaam gevoel van het drankje, dwaalden mijn gedachten af. De wodka deed zijn werk, ik voelde me goed. Ik streelde mijn buik en merkte tot mijn genoegen dat mijn trouwe makker liet weten present te zijn. Toen het water begon af te koelen maakte ik een einde aan het badgenot en droogde me af. Ik veegde de spiegel droog en schoor me extra glad.

Mentaal bereidde ik me voor op wat ik naar hoopte, hoe dan ook, een bijzondere avond zou worden. Ik kon er niet over uit; Shireen in de kroeg, nou, nou. De veel te dure aftershave, die ik op Schiphol had gekocht, werd voor de eerste keer functioneel gebruikt. Er hing veel vanaf, hield ik mijzelf voor. Wat er dan wel vanaf hing kon ik niet goed vast stellen maar voor de zekerheid besprenkelde ik de noodzakelijke attributen voor een eventuele verovering ook maar het dezelfde geur.

Eens te meer merkte ik dat aftershave op die tere dunne huid, die bijna nooit de zon ziet, een kort moment pijnlijk is. Wie mooi wil zijn moet pijn lijden, wie lekker wil ruiken dus ook. Een schoon, en door de wasvrouw gestreken, overhemd moest er voor zorgen dat mijn manlijke charmes extra goed zouden uit komen. Manchetknopen, de enige die ik bezat, vervolmaakten dat effect. Ik schepte er altijd plezier in om in gezelschap, de aandacht op die kleine sierraden te vestigen door ze even met duim en wijsvinger beet te pakken en de manchet een millimeter verder uit de mouw van het colbert te trekken. Ooit had ik die handeling in een oude romantische film gezien en de herinnering bleef me bij. Op andere dagen zou ik in een ruige wollen trui zijn gegaan, maar gezien de strikte manier waarop Shireen zich altijd kleedde leek me een shirt en das op z’n plaats.

Het was halfzeven toen ik gereed was. Te vroeg om daar heen te gaan en dus sneed ik een stuk kaas af om alvast de eerste trek te stillen. Shireen… ze is wel erg klein, dacht ik en trachtte haar lengte te meten aan mijn eigen lichaam. Staande voor de spiegel strekte ik mijn arm horizontaal en bekeek mijzelf. Als ze rechtop stond, kon ze net onder mijn arm door. En ze draagt nog wel hoge hakjes, voegde ik in gedachten aan mijn overweging toe.

Ze heeft stevige borstjes, zei een zachte stem in mijn hoofd. Als ze zit kan je goed zien wat een prachtige kont ze heeft. Ja, rond, klein en vooral hard, hoopte ik. Het was al weer meer dan een maand, nee, nog langer, sinds een vrouw met mij het bed had willen delen. Ik was er wel aan toe. Misschien zij ook wel. Misschien zijn vrouwen uit die landen toch meer geëmancipeerd dan wij denken, was mijn gedachte.

Met dergelijke overpeinzingen vulde ik de weinige minuten die me scheidden van het moment waarop ik met goed fatsoen bij haar kon aankloppen. Ik nam mijn geld en natuurlijk mijn paspoort, dat je daar altijd bij je moet hebben, en trok de deur achter me dicht. In de auto lag allerhande rommel, zakjes, kranten en verpakking van eetwaren die ik af en toe in de auto nuttigde. Jammer, ik had de wagen eigenlijk even moeten op ruimen, maar daarvoor was het nu te laat. Voor de flat waar ze woonde stopte ik en greep snel alle losse papierrommel bijeen. Op de parkeerplaats stond een vuilnisbak waar ik het kwijt kon.

Een betonnen trap leidde naar de tweede, waar ze woonde. Toen ik aanbelde ging de deur bijna onmiddellijk open. In het gele licht van de hal stond Shireen, een verschijning die me even naar adem deed snakken. De glanzend zwarte haren los. Haar gezicht een weinig opgemaakt, dunne kool lijntjes boven haar oogleden, de lippen vuurrood.

De losse zwarte kleding waarin we haar op kantoor zagen, had ze verwisseld voor een strakke leren broek die haar popo omsloot als een tweede huid. Haar voeten staken in zwarte laarzen met hoge hakjes en de bovenkant van haar lijf was in een witzijden blouse gehuld. Die doorzichtige, blouse was om de hals dichtgeknoopt met een wit lintje. De mouwen waren lang, en aan de polsen met kleine knopen gesloten.

Wat ik in dat gelige licht van de hal door het materiaal van de blouse zag, waren twee magnifieke borsten, vol en puntig. Met kleine donkerroze tepels die zich duidelijk af tekenden tegen de dunne stof van haar blouse. Ik was sprakeloos. Was dit de vrouw die ik al maanden lang, half gesluierd, op kantoor aan het werk zag?

Ze lachte. “Verbaasd“? “Een beetje wel” antwoordde ik naar alle eerlijkheid. “Je moet wel een jas of zoiets aan hoor want het is niet zo warm buiten”, haastte ik me te zeggen. Ze liep naar de slaapkamer en pakte een leren jack van de stoel. Verbaasd keek ik daar rond, de kamer was letterlijk bezaaid met lingerie. Over een stoel hingen drie bh’s en op de grond lagen her en der slipjes in alle kleuren en alle vormen. Die opvallende slordigheid verbaasde me omdat ze met haar werk juist zo secuur en netjes was. Kennelijk liet ze thuis de teugels vieren.

Toen ze het jack wilde aantrekken schoot ik te hulp; “Mag ik?” Ik nam het haar uit handen en hielp haar bij het aantrekken van het jack. Toen haar slanke armen in het soepele leren jack gleden, dreigden wolken parfum me te bedwelmen. De strakke broek, het leren jack, ze zag er uit als een lid van een bende in Manhattan. Een soort Westside Story schoonheid.

Ik werd bijna bedwelmd door een zwaar parfum dat elke andere geur, zo die al aanwezig was leek te verdrijven. “Ik hou van parfum. Als ik alleen thuis ben doe ik overal parfum op” legde ze uit toen ze me hoorde snuiven.

Over de lingerie zei ze niets, dat mocht ik kennelijk naar eigen goeddunken interpreteren. En dat deed ik, diverse modellen, sommige gekreukt, andere verfrommeld, maar allemaal droegen ze voor mij de zelfde boodschap. “Ze wil genomen worden”. Anders laat je dat soort dingen niet her en der verspreid liggen als je bezoek krijgt. Uit beleefdheid deed ik of ik het heel gewoon vond dat er zo veel ondergoed verspreid lag.

Shireen pakte mijn hand. “Zullen we gaan?” Op de haar gebruikelijke manier keek ze me aan, een beetje van opzij en een beetje omhoog. Haar warme handje in mijn hand stuurde heftige rillingen door mijn lijf. Ze kneep even in mijn vingers en toen ik haar aankeek gaf ze me een knipoog. Ze wekte de indruk dat ze de situatie helemaal onder controle had.

“Waait het buiten?” vroeg ze. “Een beetje”. “Moet ik mijn haren vastbinden?” Ik dacht niet dat het nodig zou zijn maar ze liep terug naar de kamer en pakte een rood lint om daarmee haar loshangende haren vast te binden.

Met haar gezicht naar beneden gericht nam ze haar dikke haardos in een hand en draaide er met de ander, handig een lint om heen dat ze af maakte met een strik. “Zo goed?” Ze keek me hoopvol aan. Ik knikte. Die borstjes, uitdagend, blozend, gesluierd, zo voor het grijpen. In tegenstelling tot haar, voelde ik me erg onzeker. Wat ze van me verwachtte, daar had ik geen flauw idee van.

Zoals ze zich bewoog, was ze een lust voor het oog, de slanke armen en de sierlijke handjes die met een geroutineerd gebaar dat prachtige lange haar bedwongen, het geheel deed denken aan een dans.

Had ze haar haren los laten hangen om mij een plezier te doen? Ik heb wel eens gelezen dat in het nabije oosten de haren als het mooiste sieraad van een vrouw worden beschouwd. Ik houd ook van mooi haar maar of ik dat nou het mooiste zou vinden, dat hangt een beetje af van de andere kanten van de verschijning.

Shireen pakte een tasje dat ergens op een kleine tafel in een hoekje lag en gebaarde dat ze gereed voor vertrek was. Met de sleutels in de hand keek ze op haar polshorloge. “Ben je aan een tijd gebonden?” “Nee, nee, we hebben alle tijd”. Eigenlijk wilde ik helemaal niet weg. Liever wilde ik in dit huis blijven, waar we elkaar klaarblijkelijk vrijelijk konden aanraken en waar we de opwinding langzaam konden laten toenemen.

“Wat gaan we doen?” vroeg ze terwijl ze de deur afsloot en de sleutel in haar tasje borg. “Ik wilde eerst iets eten en daarna misschien een potje snooker, als je dat leuk vind?” “Wil je me alles leren, ik heb het nog nooit gedaan” “Snooker?” “Ik heb het nog nooit gedaan, wil je mijn leraar zijn?” Ik hield de deur van de auto voor haar open. “Natuurlijk, ik zal je alles leren wat je wil”.

Het klonk tamelijk dubbelzinnig, tenminste dat vond ik, en omdat ik de portier dicht sloeg had ze even de tijd om over mijn woorden na te denken. Toen ik naast haar ging zitten vroeg ik: “Heb je het nog nooit gedaan?” Ze keek me verlegen aan. “Nee, vind je het erg, wil je niet?”

Mijn kameraad in de zonde steigerde. Bedoelde ze werkelijk wat ik dacht dat ze bedoelde of had ze het over snooker? Ik keek opzij, ze had net de gordels vast gemaakt en keek me ook aan. “Ik vertrouw je”. Het waren zacht gesproken woorden met een diepe betekenis en ze benadrukte de vertrouwelijkheid van de mededeling door een handje op mijn arm te leggen.

We gingen op weg. Het eerste stuk, voor de flats langs, was een macadam weg maar na een paar honderd meter werd het asfalt. De weg voerde regelrecht naar het centrum van de stad. Op een braak liggend stuk terrein waar vroeger een klein ziekenhuis had gestaan, parkeerde ik.

Druk was het niet, misschien zou het, vanwege het voetballen, een rustige avond blijven. Het maakte ook niet uit, we waren samen en ik hoopte dat we samen zouden blijven.

Ik hielp haar uit de auto. Opnieuw legde ze een handje op mijn arm en zo liepen we naar de overkant waar de ingang van de club was. Een uitsmijter was er niet, tenminste niet buiten, zodat ik zelf de deur kon openen. Eenmaal binnen, duwde ik het zware fluwelen gordijn opzij en stond meteen tegenover Piotr. Hij begroette me en ik vroeg of hij niet buiten moest staan. “Niet als er voetbal op de tv is”, lachte hij.

Hij pakte het jack van Shireen aan en knipoogde naar me. Ik gaf hem zoals gebruikelijk een biljet van duizend Zloty, voor hem een aanzienlijke tip. Voor ons niet.

Het was inderdaad erg rustig, aan de bar zaten slechts een tweetal mensen. Een jonge man en een meisje die alleen aandacht voor elkaar leken te hebben. De jongen hield zijn hand voortdurend op het dijbeen van zijn meisje en bewoog die hand af en toe omhoog langs haar dijbeen. Telkens duwde ze lachend de hand weg en keek dan verlegen om zich heen. Maar ze legde hem niets in de weg om zijn hand opnieuw richting poes te laten gaan.

Shireen leek haar ogen moeilijk van het tafereel af te kunnen houden. Ik hield haar voortdurend in de gaten. Het leek me een goed voorteken. Was ze heet? Waar was ze werkelijk op uit? Had ik haar thuis al moeten nemen? Inwijden? Zou ze werkelijk nog nooit? Ze had toch gevraagd of ik haar leraar wilde zijn? Vragen genoeg, de antwoorden zou ik zelf moeten vinden.

Ik kende de man achter de bar, een derdejaars student wiskunde die goed Engels sprak. We begroetten elkaar en ik bestelde voor mijzelf bier en voor Shireen een vruchtensapje. “Of we wilden eten?” Ik had wel trek maar mijn gedachten waren met andere dingen bezig en Shireen? Ze liet het aan mij over.

Op een leitje aan de muur achter de barkeeper hing het menu. Niet anders dan anders, Quiche Lorraine en iets zoets toe. Ik bestelde twee menu’s en Wesley, zoals iedereen hem noemde, zei dat we even geduld moesten hebben omdat de quiche in de oven stond.

“Kunnen we de pooltafel boven gebruiken?”. Hij knikte. “Ja, er is geen mens, ga je gang.” Shireen keek me vragend aan. “We gaan boven spelen, daar is het rustiger” legde ik uit en besefte dat dit vreemd klonk omdat het beneden net zo rustig was.

Shireen en ik namen de drankjes in de hand en bestegen de krakende houten trap. Boven was een soort vide, een brede open ruimte met een houten balustrade en uitzicht op de begane grond. Op de vide stonden twee pooltafels net als beneden. Toen we de trap op liepen, floepte het licht boven de pooltafel aan, de rest van de ruimte was in een schemerig licht gehuld. Net voldoende om het sfeervol te maken.

Ergens in een hoek stond een tafeltje, we gingen zitten en keken elkaar een moment aan. In het schemerige licht zag ze er betoverend uit. “Shireen, je ziet er prachtig uit”. “Jij ziet er ook piekfijn uit”. Ik zette mijn glas neer en raakte even mijn linker manchetknoop aan. Het werkte, ze keek er naar. “Goud?” “Witgoud” bevestigde ik. Aan haar dunne pols glinsterde ook een gouden armband.

Het was een vreemde situatie, ze wist niet veel te zeggen en ik moet bekennen dat ik ook even om woorden verlegen zat, iets dat niet vaak gebeurt. Vruchteloos rommelde ik in mijn hersenen op zoek naar een onderwerp waar we over kon praten maar ik vond zo gauw niets.

Mijn hoofd stond niet naar praten maar ik zou toch moeten zorgen voor de nodige inhoud van de avond. Sport, zeilen, paardrijden, wat deed ze in haar vrije tijd? “Dat was het, vrije tijd”. “Heb je hobby’s die je hier kunt beoefenen?” Ze ging verzitten. Legde een been over het andere. Ik vroeg me in stilte af hoe haar pruim er op die manier uit zou zien.

“In Engeland rijd ik paard, maar waar ik hier zou kunnen rijden heb ik nog niet uitgezocht”. “Rijd je alleen?” Zou ze met een vriend rijden? Of haar vader?

Ik stelde me een soort Taliban-achtige figuur voor met een vuistdikke baart en een lange wollen overmantel, maar op de een of andere wijze paste dat beeld niet bij haar. Ze was ontwikkeld, had gestudeerd en leefde haar eigen leven, niet iets waar fundamentalisten het mee eens zouden zijn.

“Met mijn Engelse vriendin, Janet. Haar familie beheert een grote manege. Ze hebben een kasteel in Schotland”. “Adel?” informeerde ik belangstellend. Ze knikte. Ik vroeg hoe ze het hier vond. “Niet bijzonder opwindend”, lachte ze. Ze vertelde dat ze liever in Parijs of Berlijn wilde werken maar, zoals ze zei: “Ik heb het niet altijd voor het zeggen en ik wil graag geld verdienen”.

Mijn glas was leeg en Shireen dronk niet veel daarom stelde ik voor om te beginnen. Aan de hand van de ballen legde ik uit wat de bedoeling was. Ik gaf haar een queue en liet zien hoe je het topje blauw moest maken tegen het slippen. Een beetje onwennig manipuleerde ze met de lange queue.

“Heb je liever een lange of een korte?” Ze keek me onderzoekend aan. “De queue, bedoel ik”. “Oohh”.

Ik legde de ballen in de startpositie en deed de afstoot. Ik kwam tot een serie van vier in verschillende pockets. “Jouw beurt”, zei ik.

Ze ging er voor staan maar keek daarbij zo hulpeloos dat ik mijn queue weg zette en naast haar kwam staan. Ik deed voor hoe ze met de linkerhand de queue moest steunen en hoe ze met de rechter de queue moest vasthouden om te stoten. De kleine dunne vingertjes sloten zich soepel om de gladde queue maar omdat ze probeerde met haar rechterhand het uiterste einde van de queue vast te houden ging het niet, die queue was te lang voor haar.

“Zal ik je hand vast houden?” Ik voelde hoe mijn hart sneller klopte en mijn trouwe makker zich begon op te richten. Ik kwam links van haar staan en nam het kleine handje in mijn eigen linkerhand. Met mijn rechterhand reikte ik over haar slanke middeltje en nam haar handje met daarin de queue in mijn hand.

“Is hij niet te dik voor je?” vroeg ik. “Laat hem een paar maal door je hand heen en weer glijden tot je gemakkelijk kunt stoten”. Ze keek op; “Hoe bedoel je?” “De queue, de achterkant, er zijn dunnere en kortere voor dames, weet je”. Ze reageerde niet, misschien begreep ze niet helemaal dat ik serieus was.

Misschien ook, dacht ze dat ik een dubbelzinnige opmerking maakte en dat was ten dele waar. “Voel maar hoe glad hij is en hoe soepel hij door je hand glijd als je hem losjes vasthoud”. De woorden alleen al, deden mijn makker de kop op steken en zich reikhalzend uitrekken. Gladjes gleed de dikke queue door haar gekromde handje. Een suggestief beeld dat me het zweet deed uitbreken. “Hij is wel groot, weet je zeker dat je dat wil?” “Ik weet het niet, ik heb het nog nooit gedaan”. “Een grote is in het begin wat moeilijk maar je went er gauw genoeg aan en daarna wil je nooit meer een kleine”.

Shireen keek me van opzij even aan. Ik raakte terloops haar, in leer gehulde kontje aan. Het was inderdaad hard en kogelrond. Samen maakten we enkele schijnstoten voordat we de bal raakten. De uiteindelijke stoot werd een schampschot en het tipje van de queue gleed gevaarlijk laag over het groene vilt. Gelukkig geen schade. Ik vertelde van het risico dat je loopt om het biljartlaken te beschadigen en dat de reparatie een heleboel stuivers kost.

“Als de queue te groot voor je is kan het inscheuren”. Mijn hart klopte in mijn oren en ik voelde dat ik bloosde maar gelukkig kon ze dat niet zien.

“Nog een keertje?” Ik legde opnieuw mijn arm over haar middel. Deze keer raakte ik haar ook werkelijk aan zodat een aangename warmte door de dunne stof van haar blouse aan mijn arm werd overgedragen.

Ingespannen probeerden we opnieuw samen een bal te stoten. Deze keer ging het goed, de bal raakte de juiste andere bal en wonder boven wonder gleed die even later in het netje. Shireen richtte zich op en keek me opgetogen aan. “Goed gedaan?” “Perfect, ik zou het niet beter kunnen, je bent een goede leerling” “Jij bent een goede meester”. Ze leunde in mijn richting en draaide zich naar me toe. Mijn arm gleed als vanzelf rond haar middel. Het paste precies in mijn arm. Door de dunne stof van haar blouse voelde ik de warme huid.

Toen ik haar kuste sloot ze die prachtige ogen. Het was een inleidende kus, voorzichtig en onderzoekend, maar wel één vol overgave. Eén om uit te proberen hoe heerlijk het wel kon zijn. “Sorry”, zei ik. Ze legde een vingertje op mijn lippen: “Nee, niets zeggen”. We kusten elkaar opnieuw. De geur van haar parfum bedwelmde me, en ik moest werkelijk moeite doen om haar niet onmiddellijk en onstuimig in mijn armen te klemmen.

“Je mag nog eens”, zei ik om de spanning te breken. Mijn stem klonk onbeheerst en ook zij was nerveus dat kon ik zien aan de trillende handen. Ze stond hulpeloos naast me, de queue in de hand maar haar ogen op mij gericht. Ik nam de queue uit haar hand en legde die op het biljart. Een hand legde ik in haar hals en met die om haar middel trok ik haar tegen me aan. Ze wilde graag gekust worden, dat was duidelijk, deze keer was het all the way. Het tengere lijfje bewoog zich soepel in mijn omarming, haar kontje was inderdaad klein en hard. Ze deed dapper mee, drukte haar buik tegen mijn stijve en hield me zo enkele seconden stevig vast. Haar leren billen vulden mijn hand en ik vervloekte in stilte haar voorkeur voor leer. Hoeveel tastbaarder was het geweest als ze iets zachts van zijde of zo had aan getrokken. Of beter nog, een rok.   “Oohh, Shireen…” Gefluisterd was het, bijna onhoorbaar. Ze kuste of haar leven er van af hing en drukte haar buikje tegen mijn stijve om te laten merken dat ze mijn boodschap had begrepen. Koortsachtig zocht ik naar de sluiting van haar broek en toen die onvindbaar bleek wurmde ik mijn hand onder het leer. Een vage aanraking tussen haar blote huid en mijn vingertoppen volgde en ze beet zacht in mijn lip. “Niet hier”.

Toen ik haar los liet, opende ze de ogen alsof ze uit een diepe slaap ontwaakte. Even bleef ze me aankijken, daarna liepen we naar de andere kant en namen de witte bal opnieuw op de korrel. Mijn hart klopte heftig en mijn handen trilden.

“Zal ik je helpen of wil je het zelf doen?” “Help me alsjeblieft”. Ik kwam achter haar staan en boog me over haar heen. Haar kontje raakte me op de juiste plek. Ze merkte het en duwde een weinig naar achteren.

Samen richtten we op de bal en samen plaatsten we de stoot. De beweging stond me toe om een moment mijn stijve tegen haar popo te drukken. De ballen kletsten tegen elkaar maar deze keer verdween geen enkele in het zakje. Mijn pik drukte tegen haar achterste en ze vond het net zo opwindend als ik.

Ze bleef voorover gebogen staan alsof ze de bal nakeek. Toen ik mijn linker hand om haar kleine harde borst legde, viel de queue kletterend op het biljart. Een harde tepel op een stevige borst vulde mijn hand. Met mijn rechter streelde ik haar kontje en drukte mijn hand tussen haar benen. Ze haalde hoorbaar adem en plaatste haar benen uit elkaar maar bleef verder bewegingloos staan. Voelen kon ik niets vanwege dat vervloekte leren broekje van haar, maar haar reactie maakte me duidelijk dat de behandeling in goede aarde viel.

We hoorden de barman de trap op stommelen en lieten elkaar los, mijn makker was bezig een ritssluiting te forceren en aan de manier waarop Shireen het leren pantalonnetje uit haar spleetje probeerde ter trekken begreep ik dat ook zij het te kwaad had gekregen.

“Zullen we eerst eten?” stelde ik zwaar ademend voor. Met knikkende knieën borg ik de queues op in het rek en kwam tegenover haar zitten. We keken elkaar aan, ze zag er onzeker uit maar om haar mooie rode mond speelde een lachje.

“Je bent mooi“. Deze keer was mijn stem zeker en zonder trillen. Ze sloeg de ogen neer, de lange wimpers bleven zichtbaar. “Wil je misschien een beetje wijn?”  Zonder een antwoord af te wachten schonk ik een halfje wijn voor haar in en hief mijn glas.

“Op een wilde nacht”. Ik gaf haar een knipoog. Ze hief alleen haar glas en zei niets. We aten in stilte, de quiche was niet slecht maar mijn gedachten waren elders, en telkens wanneer ik naar Shireen keek zag ik alleen de puntjes van haar wimpers die de neergeslagen ogen bedekten.

“Wil je straks nog spelen?” Het bleef even stil tot ze me aan keek. “Ik wil liever naar huis”. We aten in stilte en ze dronk haar glas leeg maar ik zag aan haar gezicht dat ze niet gewend was wijn te drinken. Misschien mocht ze helemaal geen alcohol gebruiken.

“Ben je bezorgd?” vroeg ik. Ze keek me een poosje aan: “Ik wil je iets zeggen, ik hoop dat je niet boos zult zijn”.

Ik zette me schrap. Ze wilde natuurlijk niet, dat was duidelijk, ik had mijzelf beter in de hand moeten houden. “Ik luister“ stelde ik haar gerust.

Opnieuw sloeg ze de ogen neer en zei bijna onhoorbaar: “Ik heb het nog nooit gedaan, vind je het niet erg?” Grootmoedig zei ik dat ik het begreep en dat ik het niet erg vond. “Niets moet,  als je het niet wil zal ik je er nooit aan houden”. Ze stak haar hand uit en legde die met de palm op tafel. Ik legde mijn vingertoppen op haar vingertoppen in een poging om een soort gevoelsband met haar te scheppen.

Zoals ze tegenover me zat leek ze een plaatje dat zo uit een foto magazine had kunnen komen. De mooi gevormde borstjes waren duidelijk zichtbaar onder de dunne zijde en bij elke beweging kon ik ze zien trillen. Ik dacht aan haar lichaam, zo slank en zo petit, aan haar huid die ik alleen nog maar van die korte aanraking kende.

“Was ze maagd? Lesbisch? Of gewoon angstig?”  “Je hoeft niet angstig te zijn, ik vind je lief en verschrikkelijk mooi maar ik kan me goed beheersen”. Shireen boog zich een beetje naar me toe om iets te zeggen. Ik boog me ook naar haar toe en wachtte op haar woorden.

“Als je het niet erg vind, wil je dan bij mij blijven vannacht? Ik voel me veilig bij jou”. Was dat het? Ze was niet zeker of ik wel bij haar wilde blijven.

Shireen wist dat ik duizend kilometer verder naar het westen verplichtingen had. Begreep ze dan niet dat mijn beslissing, om het spel met haar te spelen, al lang geleden genomen was? Eigenlijk op het moment dat ze ondanks haar zwarte gesluierde kleding, die elke toenadering leek te bemoeilijken, een moment haar borst tegen mijn arm had geduwd.

“Ik blijf vannacht bij je”. Ik pakte haar hand om de bevestiging kracht bij te zetten.  We namen nog een paar hapjes en ik leegde mijn wijnglas. “Zullen we dan maar gaan?” Ze knikte. “Ik zal afrekenen”. Verder uitstel was niet goed, ze was nu in de stemming en een ietsepietsie onder invloed van een glaasje wijn.

Ik stond op en liep de trap af. Shireen kwam achter me aan. De barman maakte een briefje en liet het me zien. Het was niet veel, tenminste niet in mijn ogen. Ik gaf hem een vorstelijke tip en hij keek me veelbetekenend aan.

Toen we naar de deur liepen kwam Piotr met haar jackje aan lopen en hielp haar er in. Ik gaf ook hem een tip en hij hield de deur voor ons open. Toen ik hem passeerde zei hij iets in het Pools. Ik kende de uitdrukking wel maar Shireen niet. Toen we buiten waren vroeg ze wat hij had gezegd. Ik keek haar aan en legde mijn arm om haar middel; “Goede jacht”, vertaalde ik voor haar.

 

Lees   deel 2    deel 3    deel 4   deel 5

 

© Miel de Sarrassin

 

Post navigation

Gerelateerde verhalen

  4 comments for “Een Iraanse affaire (5 hoofdstukken)

  1. 30 mei 2007 at 13:57

    Een hele zit, dit verhaal, maar met zoveel detail geschetst dat het ondanks de relatief beperkte actie in de verhaallijn moeiteloos blijft boeien. Dit Perzische epos toont fraai aan hoe je een verhaal van novelle-omvang overtuigend in moet vullen en welke mogelijkheden tot verdieping dat kan geven. Mits je kunt schrijven, maar dat kan onze Miel! Mooie sferen, gelardeerd met een indringende beschrijving van het verloop van de gevoelens van de mannelijke hoofdpersoon. Als dat gepermitteerd is bij zo'n fraaie schrijfprestatie toch een enkel woord van kritiek over de woordkeuze in sommige passages: in sfeerrijke schetsen passen m.i termen las "pruim" en nogal popie-jopie-achtige benamingen voor het mannelijk geslacht niet echt. Dat duwde mij af en toe uit de mooie sfeer van het verhaal.

  2. 4 juni 2007 at 19:17

    Kanjer!

  3. 4 juni 2007 at 21:47

    Af!, Miel is het beste wat Eropodium te bieden heeft!

  4. 8 juni 2007 at 13:49

    mooi, ontroerend, opwindend en leest heerlijk weg.
    Voldoende oog voor detail. Waar wel voor uitgekeken moet worden in een dergelijk lang verhaal dat er niet teveel in herhaling wordt gevallen. Met sommige uitspraken was het nog net niet storend. Maar zeker 3* waard.

Geef een reactie