Praten

Ja ja, zei ze, ik ken jou soort. Wel praten maar niet neuken!

Daar valt over te praten, zei hij, iets te gevat.

Maar ze was niet blond; ze moest toch lachen.

Waar schrijf je dan gedichten over? vroeg ze.

Over neuken. Maar het enige inhoudelijk interessante woord dat daarop rijmt is keuken. Helaas. Dus wordt het wat omfloerster en indirecter allemaal. Maar het blijft neuken.

Ik vraag me toch af – ze zei het met een ironie in haar blauwe ogen, die hem aangenaam onzeker maakte – hoe je dat doet, omfloerst neuken?

Dit werd een fijne uitdaging. Hoe kon hij haar overtuigen van zijn bedoelingen, maar zonder die middag al met haar in bed te belanden?

Ik ben waanzinnig beïnvloed door Nijhoff.

Het was er uit voor hij er erg in had. Niet dat het niet waar was, maar hoe kon hij nu aannemelijk maken dat uitgerekend Nijhoff hem had aangezet tot dichten over de daad? Hij talmde.

“Elk woord vernieuwt de stilte die het breekt.”

Ze zei het zo terloops dat je het gemist kon hebben, was je niet hiervoor al aangeraakt met de naam van de schrijver. Hij bleef sprakeloos. Tot

“Het is alsof hij hoort waarvan hij droomt en de plek ziet waar hij te vinden hoopt”

Hij zei het haast werktuigelijk. Ze riep het in hem op, hij kon niet anders.

Ging hij het toch verprutsen? Weer dat aarzelen en zwijgen. Even.

Neuken? Vroeg hij omfloerst.

Daar zat hij dan, achterop de fiets bij zijn redacteur. Niet triomfantelijk, eerder als de schooljongen die zich bij zijn vriendinnetje op de bagagedrager afvraagt of hij zijn hand op de ronding van haar heupen durft te leggen. Maar daar lag zijn hand intussen al.

Hij voelde zich gevleid, maar ook niet helemaal serieus genomen. Tenminste, als dichter. Zijn mannelijkheid, daarvan wist hij allang dat het een bruikbaar wapen was om in de gunst te komen bij uitgeefsters, journalistes en literair agentes. Helaas had die gunst hem nog nooit verder gebracht dan het gevoel gebruikt te worden, verstrikt in een onmachtige positie als gewillig dichter.

Bij haar thuis gebeurde wat onvermijdelijk had geleken vanaf het moment dat zij haar provocerende opmerking had gemaakt. Met dubbelzinnige toespelingen op bibliofiele uitgaves in kleine oplage, kleedde ze hem uit en legde hem in haar bed van woorden. De aanblik van haar, toegegeven, aantrekkelijke lijf, verzachtte toch niet de afstand die hij voelde toen ze haar borsten met zichtbaar genoegen om zijn harde schacht vleide. Hij probeerde er niet teveel bij te voelen, maar ontkwam er niet aan dat lust en schaamte een smeulend mengsel in zijn ziel vormden. Ze nam hem zoals hij gewend geraakt was genomen te worden, met een zinnelijk maar zelfgericht genot. En hoewel hij wist dat hijzelf het was die zich in deze positie had gemanoeuvreerd, was de kreet die hij uitstiet toen zij hem zaad liet schieten er een die net zo goed had kunnen klinken wanneer zij hem een klap in het gezicht had gegeven. Pijn en verlangen mengden zich en zochten in zijn gedachten meteen al naar woorden om zich uit te drukken.

Als het tenminste maar een goed gedicht oplevert, dacht hij onmiddellijk.

Haar kijken hindert mij het zicht op wild genot. Ik ga er langzaam aan kapot om steeds haar blauwe blikken te ontlopen. Het samentrekken van mijn bekken, ook al voelt het vloeiend zaad zo opgewonden, maakt toch van mij een hoer en spook van wie ik zijn wil, deze morgen. Daar gaat haar schokkend mooie hoofd met pikzwart haar, dat zonder mededogen lust laat woeden in haar donk're schoot. Mijn god, ik ga zielsliever nu al dood dan deze duivel langer nog te laten dolen. Laat dan niet zien, in hoe je poogt mij uit te putten, hoe jouw hemelhoog genot mijn ziel en zaligheid vermoord; doe dicht die fel azuren ogen! Ach kon je mij je ziel maar tonen, opdat ik daar uiteindelijk mocht wonen.

Had hij zich vergist? Ze was vreselijk boos geworden. Had gevloekt dat hij haar met zijn schitterende gedicht niet moest wagen weg te zetten als een wellustige parasiet op zijn lichaam. Mooie beeldspraak trouwens.

“Lees maar, er staat niet wat er staat.” poogde hij nog.

Maar was dat wel zo? Nee, in dat opzicht kon hij zich lang niet meten met zijn voorbeeld.

Maar haar woede had gedaan wat haar met al haar lust nog niet gelukt was. Ze had hem aangeraakt. Een glimp van haar was door haar woorden heen in zijn ontvankelijk oog gevallen. Door stom toeval had hen beider verdediging gelijktijdig glorieus gefaald.

Kom, praat met me, mooie jongen.

Het viel hem nu pas echt op hoe blauw haar ogen waren. Misschien omdat hij voor het eerst echt keek naar hoe ze naar hem keek. En dat omlijst met bijna jongensachtig korte zwarte haren. Hij zag er de essentie van en voelde voor het eerst geen aandrang meer om er de woorden bij te zoeken.

“Steeds troostte ze, steeds heeft zij als ik sliep mij met haar liefelijke komst bezield”

Ze glimlachte. Herkende wat hij zei, maar vroeg of hij niet veel liever met zijn eigen woorden zeggen wou wat hij nu voelde.

Zoals je je woorden kiest in je gedichten, vermoed ik dat je ook wel praten kan.

Ze zei het zacht en zo dichtbij dat het hem de adem benam. Nu wachtte ze, omdat ze niet opnieuw wilde nemen wat hij te geven had. Het parfum van haar borsten mengde zich in zoete tonen met de geuren van haar slaapkamer. Een delier van zintuigelijke ervaringen hield hem gevangen. Werkelijk, ze had hem betoverd. En hij, hij had het voor het eerst echt toegelaten.

Opnieuw haar borsten, waarmee ze strelen kon als handen. Tepels als tedere vingertoppen. De jonge zachte huid van zijn buik beroerde ze met haar tong, dat het kietelde zo nieuw. Ze liet hem proeven van de heldere druppels die ze van zijn voorhuid nam. Ook zoet! Verwonderende lustbevangen zuchten.

Maar ze deed meer. Ze wist de wereld zo volledig om te draaien, dat hij voor het eerst echt zijn verlangens onderging als een volledig dwingend willen. Er stroomde kracht door zijn handen, onvermoed, waarmee hij haar heupen nam en zo haar hele welgevormde lijf richtte naar zijn lust. De dichter, voor het eerst in het lichaam van een man.

Het tintelt in de dingen die zij raakt in mij. Zo schaamteloos wil ik het maken, dat zij de mooiste woorden ziet in dit mijn naakt. Is zij – oh ja, al wat geschreven is, is waar – de engel van azuur met stralend zwarte haren, nu echt mijn complement in fel verlangen naar de daad?

Al was het toch om niet, ik weet zelfs dan dat haar bezieling mij voorgoed veranderd heeft. Het moest in al mijn eenentwintig jaren nog zo woest en ledig zijn – met mijn verstand hield ik tot nog toe mij en deze wereld in verband – nu echter is het lijf'lijk anders; ik ben haar man.

Hij sloeg de bundel dicht en zette hem weer terug op zijn plek als eerste in de rij. Het hemelsblauw van de dunne kaft leek hem wel aan te kijken. Hij voelde tranen in zijn ogen. Kon hij nog maar één keer met haar praten.

Zacht zei hij

“Ik kon, noch wilde ik, melden u sindsdien hetgeen ik thans u te verstaan gebied: niet hopen mij op aarde ooit weer te zien.”

Langzaam draaide hij zich om en ging.

 

Thomas

 

(alle citaten zijn uit het gedicht Awater, van Martinus Nijhoff)

Post navigation

Gerelateerde verhalen

  8 comments for “Praten

  1. 16 juni 2011 at 22:35

    Wat een verwennerij, twee dagen na elkaar zo veel moois te mogen lezen op EP.
    Hoeveel pareltjes volgen nog?

  2. Anoniem
    18 juni 2011 at 09:11

    De eerste de beste die EP ooit nog een ‘vieze-verhaaltjes-site’ durft te noemen (Echt, ze bestaan!), bind ik vast aan een boom en verplicht ik dit prachtige verhaal te lezen. Twee keer!!
    Dank je wel, Thomas.

  3. 18 juni 2011 at 13:55

    Dit is ware literatuur. Een verhalenboek hiervan hoort in de betere boekenhandel thuis.

  4. 23 juni 2011 at 12:33

    Een verhaal als dit is van een ongekende allure, op deze site. Een verrijking, zonder meer. Het is literair en erotisch. Ons halve taalgebied snakt hiernaar. Waarom hebben wij hier dan geen tig-duizend bezoekers per dag? Hoe komt het dat hier nooit iemand wordt weg gekaapt door een slimme uitgever? Kunnen we niet zelf een mooie bundel samen stellen? Dit komt allemaal in mij op wanneer ik verhalen lees als die van Thomas waarbij ik naar heel Nederland en Belgie wil uitschreeuwen: mensen lees dit en geniet met ons mee!

  5. 5 juli 2011 at 11:41

    Prachtig werkje, Thomas! En een mooi eerbetoon aan Martinus Nijhof. Je ziet zelden dat er een erotisch verhaal om bestaande poëzie geschreven wordt. Je zou wensen dat je zelf zo zou kunnen dichten als Martinus Nijhof (en schrijven als Thomas). Het zou ongelofelijk sterk zijn als de poëzie ook van jouw hand was, ook al was het minder getalenteerd. Een gedeelte van de waardering gaat daarom uit naar Martinus maar het merendeel naar Thomas zelf.

  6. 5 juli 2011 at 13:34

    In een oud kistje vond hij een juweel waarvan de meesten het bestaan waren vergeten en dat lang verloren was gewaand. Thomas, wat een mooi cadeau heb je ons gegeven! En niet alleen omdat je het prachtige woord ‘delier’ voor ons gevonden en ontstoft hebt

  7. 19 juli 2011 at 18:30

    Heel mooi. Ik ben dol op gedichten en dan iemand die zo’n schitterend gedicht gebruikt in een verhaal dat zelf bijna een gedicht is.

  8. 24 juli 2011 at 14:11

    Zes lezers gaven dit verhaal samen 16,5 sterren. Dit levert een ledenstem van 3 sterren op.

Geef een reactie