terwijl ik mij afdroog

Terwijl ik mij afdroog.
Bestudeer ik de nog altijd groeiende rij middelen waarmee ik mijn schoonheid in stand houd.
Ik ben nog altijd mooi, maar zij is op mijn schoonheid uitgekeken.
Bij anderen zoekt ze wat zij bij mij niet langer vind.
Een rusteloze jaagster, voortgedreven door heimwee die ze zelf niet kan benoemen.

Ze worden steeds jonger lijkt het wel.
In elk geval raakt zij steeds sneller op hen uitgekeken.
Ze begint hun verhalen door elkaar te halen.

Soms voel ik mij een vrouw die rondwaart in de doolhof van mijn eigen leven.
Zoekend naar de uitgang vind ik telkens een doodlopend pad.
Zij.

Ik denk aan de vrouw waar ze vanavond naar toe zal gaan. Een meisje eigenlijk.
Als ze bij haar is kan zij zich verbeelden dat de wereld in mijn kamer ophoud te bestaan.
Dan vallen de jaren van haar af.
Voor even is ze de tijd te slim af.
In haar armen ben ik een veer in de wind.
Terwijl ik mij afdroog.

 

© Tania

 

Post navigation

Gerelateerde verhalen

  1 comment for “terwijl ik mij afdroog

  1. 22 april 2008 at 16:32

    Jemig Tania… Waarom had ik dit eerdere van jou nooit gelezen? Ik weet het niet. Maar of het een gedicht of een 'moment' is: hier werd ik vreselijk stil van, zo open, zo kwetsbaar.

Geef een reactie