Zoegar, Zoegar! Honnie! Ai lof joe!

Lividiana naar Anapolis: zuidkust van Kreta, pittig omhoog. Dat was 1995, tsja. Een groepsreis waarbij ik aan alle kanten werd geprikkeld. Op zekere dag kwam ik eindelijk naast haar te lopen, zij met dat korte rode staartje; Alice, weet ik nog.

(1995, dat was enkele jaren voordat lachebekje Zalm de gehele Nederlandse bevolking in één klap 10% in bezit/inkomen armer maakte, via een (on)handig gekozen wisselkoers, van guldens naar Euro's. Voor de schatkist was dat ideaal natuurlijk. Lachend als altijd heeft Zalm het later toegegeven. Maar ja… Het ging toch om Europa? Europa was tóen Europa – of EroPA? – ook al. Griekenland was toen nog niet zó arm, behoorde gewoon prettig binnen Europa.)

Alice… Ik merkte haar pas op toen we op Kreta uit het vliegtuig waren, de daadwerkelijke kennismaking van de groep. Ze was een terzijde-gezelschap van haar zus-met-vriendje. Ik was daar met – toen nog – mijn vrouw.
Meermalen was ik al in Griekenland geweest, met name op de eilanden. Nu zag ik weer, tijdens die kennismaking buiten het vliegveld, de act van de taxi-chauffeurs, die zó graag…
Ja, zó moet je je verstaanbaar maken hier. Niks woordjes Grieks leren, vergeet het! Spreek ze toe in het krakkemikkig Engels zoals zíj dat spreken, met hún accent, mogelijke gebaren vandien. Dan verstaan ze je tenminste, al spreken ze zelfs geen wóórd Engels.

't Was halverwege die groepsreis, die steile klim met als tussenstekje/lunchplek het dorpje Anapolis. Enkele superfitte types liepen de rest er uit over de slingerpaadjes. Na verloop van tijd liet ik mijn vrouw – ex inmiddels dus – achter me in de 'bezemwagen'.
Het was bloedheet, heerlijk. Langzaam haalde ik Alice in, dat klein pittig ding, in haar eentje lopend met dat rossig korte staartje. Hoewel ik doorgaans in plantjes, bloempjes geinteresseerd ben, was mijn fixatie nu toch anders.

Onwennig sprak ik haar aan, voor het eerst. Ze bleek operatie-assistente in een of ander ziekenhuis. Ik vermoedde dat ze daar goed in was. Onderwijl werd me wel duidelijk wat ik al vermoedde, hoewel ze het niet zei. “Jij komt hier niet voor een mán,”dacht ik te weten. Aan één kant voelde dat veilig, mogelijk ook voor haar. Aan de andere kant kende Alice mijn innerlijk niet. Alice kon niet meer worden dan een prettige fantasie in mijn hoofd, maar toch… Wellicht voelde ze toch wel iets van wat er in mijn hersens omging. Al gauw werd het wat stilletjes tussen ons. Anapolis kwam als een bevrijding.

In dat dorpje kwam nauwelijks een toerist. Via een omweg ging er wel een karrenspoor heen, doch de schamele buitenlanders kwamen via dat steile slingerpad, de idioten. Vanwege dat was er maar één klein terrasje. Om bediend te worden moest je kloppen aan een schuifluikje. Zo geschiedde; er was weer eens een wandelgroepsreis.

De volumptueuze dame van ruim in de vijftig was wel van zins te bedienen. Kaffé frappé natuurlijk, en anders thee. Veel meer had ze niet te bieden, behoudens… Als ze het neer zette zegen haar geweldige borsten even neer op het plateautje. Om dat laatste werd natuurlijk wat lacherig gedaan op het terras, toen elk-een daar verzameld was. Toch ontbrak er iets. Voor zover er thee was besteld ontbrak de suiker.
“'k Heb het al drié keer gevraagd,” sprak Johan. “Maar het helpt niet, ze spreekt geen wóórd Engels!”

Ik hoorde het gemopper aan en liep toen naar het luikje. Klop… klop… Het luikje ging open en 'plóp… ', daar lagen die borsten alweer. Met mijn slechtste Engels ging ik aan de slag:
“Zoegar, Zóegar,” sprak ik, met zoete handgebaren naar mijn mond. Ze leek het niet te begrijpen, keek me in verwarring aan. Vervolgens ging ze naar achter en kwam terug met een pot honing en een vragende blik.
“Yes!” sprak ik. “Zoegar, zóegar! Honnie! Ai lof joe!”

Die honing was natuurlijk genoeg. Ze stond er op het persoonlijk op tafel te zetten. Maar oeps… Bij haar wervelende actie schoot een enorme borst zomaar uit de omhulling. Met een achteloos gebaar drukte ze hem terug.
Niet lang daarna vertrokken we. De dame zwaaide ons uit. Met de net geleerde woorden riep ze ons na: “Zoegar, zoegar, Honnie! Ai lof joe!”

Murielleke

 

p.s. En Alice? Ze is me later in verhalen ter inspiratie geweest, al weet ze het niet. En Kreta? Over diezelfde reis heb ik – als verzonnen reisleidster – hier ooit een verhaal geschreven, 'Haar Koning moest Vallen' van Muriël, hm.

Post navigation

Gerelateerde verhalen

  9 comments for “Zoegar, Zoegar! Honnie! Ai lof joe!

  1. 9 juli 2012 at 12:16

    Leuke anekdote uit een dagje van een reis naar Kreta. Meer vind ik niet terug in dit verhaal. Zelfs de suggestie van erotiek, als die al bedoeld is, lijkt me veel te vaag. Of ze is er gewoon niet.
    Grappige anekdote, zoals ik al zei, maar geen hele erotische sterren, misschien die ene borst die floepte, een halve dan.

  2. 17 juli 2012 at 15:33

    Zelden zoiets slechts gelezen, sorry hoor, is mijn mening.

  3. 19 juli 2012 at 18:10

    Beste Angela, voor een striemend commentaar hoef je je van mij – via ‘sorry hoor’ – niet te excuseren; it’s all in the game, zogezegd. Toch, als je iets gezegd had van: "dit heeft qua erotiek niets om het lijf," had ik je volledig begrepen.

  4. 24 augustus 2012 at 23:13

    De titel van dit verhaal liet me glimlachen met de overeenkomst die ik zag met de song ‘Sugar Sugar’ van the Archies. Een heerlijk foute maar zoete song. Helaas komt dit niet helemaal terug in het verhaal. Muriëlleke zegt het zelf al in haar commentaar : Op het erotisch vlak heeft het niet veel om het lijf. Wel wil ik gezegd hebben dat een verhaal schrijven in een thema knap is. Zeker wanneer je dat in een korte tijd kunt produceren.

  5. 7 september 2012 at 19:02

    Dit verhaal; ik zie er de humor wel van in. Soms val ik als een blok voor die zeer eigen stijl van jou want vertellen en schrijven dat kun je. Wat doet dit verhaal nu met mij? Het maakt me uiteindelijk ontevreden omdat ik meen dat het onaf is. Het begon nog maar net en dan haak je al af, punt eronder. Muriëlleke ik vind dat jammer, zo haak ik ook af. Ik hoop dat je de volgende keer je verhaal laat rijpen en het de kans geeft tot wasdom te komen.

  6. 8 september 2012 at 22:52

    Het is een milde erotiek, melancholiek ook, die je hier presenteert. Niets voor ‘platte lieden’ (zou M. Toonder het verwoorden), maar wel voor de liefhebber van het anekdotische en het verfijnde. Dankjewel Muriël.

  7. 15 september 2012 at 15:18

    Het is kort, niet erotisch maar eigenlijk wel aardig. Het zou een dagboekfragment kunnen zijn.
    Miel

  8. 21 september 2012 at 08:42

    Anekdotisch, met een hint naar erotiek. Je schrijft kernachtig, zoals ik van je gewend ben. Goed, wat mij betreft. Maar de hint is niet genoeg voor hier, vrees ik.

  9. 29 september 2012 at 15:54

    Zes lezers gaven dit verhaal samen 4,5 sterren. Dat levert een ledenstem van 1* op.

Geef een reactie